Vensterboek: Picasso in Malaga

Het boek is gereed.
De laatste foto’s.

 photo WP_20170718_002VensterboekPicassoInMalaga.jpg

Deze keer de pagina’s wel goed beschermen tegen eventuele lijmresten en eerst eens een nacht goed laten drogen.


 photo WP_20170718_003VensterboekPicassoInMalaga.jpg

Soms gebruik ik daar aluminiumfolie voor, een andere keer bakpapier.


 photo WP_20170718_004VensterboekPicassoInMalaga.jpg

Na het goed drogen.


 photo WP_20170719_001PicassoInMalaga.jpg

Is er nog de titel op geschilderd.


 photo WP_20170719_002PicassoInMalaga.jpg


Advertenties

Vensterboek: Picasso in Malaga

Op de donateursdag van de Stichting Handboekbinden zat
in de goodie bag een folder over een Vensterboek.
De tekst was geschreven door Karin Cox, die vaker leuke,
kleine boeken en bijbehorende werkinstructies verzorgd.
Het basisidee van het boek is van Tine Noreille.

Mijn boek zoals ik het maak, is ongeveer twee keer zo groot
als de werkinstructie aangaf.
Dat geeft me meer ruimte om afbeeldingen in het boek te verwerken.
Want een blanco boek is voor mij geen boek.

Een paar jaar geleden was ik in Malaga en bezocht daar
het prachtige Picasso Museum. Als een museum geen
catalogus of collectieboek verkoopt dan koop ik meestal wat
ansightkaarten. Zo ook in Malaga.
Daar heb ik eerder hier al eens over geschreven.

Laat ik nou precies 12 kaarten meegebracht hebben.
Picasso in Malaga, een vensterboek, is geboren.

Het boek is nog niet af maar ik ben al een eind onderweg.
Het wordt een boek dat een sierraad is om weg te zetten maar
wat je ook als boek helemaal kunt openslaan en lezen.

 photo WP_20170716_001PicassoInMalaga.jpg

Het boek bestaat met een soort dubbele kaft waarbij in een van de twee lagen van de kaft een venster is uitgespaard. Daar steken de pagina’s door die zich openen naar mate het boek verder wordt opengevouwen.


 photo WP_20170716_002PicassoInMalaga.jpg

Picasso in Malaga. Het venster heb ik veel breder gemaakt dan de instructie aangeeft. Daar moet je wat mee experimenteren. De sterkte van het papier speelt daarbij een grote rol. Een breder venster toont eerder, meer van de pagina’s.


 photo WP_20170716_003PicassoInMalagaBriefkaarten.jpg

Dit zijn de briefkaarten die de komende dagen nog hun weg in het boek gaan vinden.


 photo WP_20170716_004PicassoInMalaga.jpg

Helemaal opengevouwen ziet het er als volgt uit. Eenvoudig te maken. Ik ben er zeker van dat de Stichting Handboekbinden geinteresseerden graag verder wil helpen.


Eindexamententoonstelling St Joost in 12 foto's

Afgelopen zondag was het druk op St. Joost.
Het was de eerste keer dat ik de school op deze nieuwe locatie bezocht.
De reden was de eindexamententoonstelling.
Ik heb er wat foto’s gemaakt van dingen
die me opvielen of die ik mooi vond.
Daarna ben ik met de business cards van de afgestudeerden
op zoek gegaan naar meer informatie op het internet.
daar heb ik ook het een en ander gevonden.
Dat komt allemaal terug in 12 plaatjes.

Mihail Mihaylov. Zijn afstudeeropdracht ging over Rotterdam en hoe een selectie van bekende bedrijven, evenementen of organisaties kan inspireren tot een avontuur met lettertypes.


Erik van der Blom, Afval bestaat niet.

Van zijn website:

HERGEBRUIK;
AFVAL BESTAAT NIET
Waarom gooien we massaal spullen weg? Zijn deze spullen echt zxf3 waardeloos? Ik denk het niet. Sterker nog, verschillende afvalverwerkingsbedrijven propageren slogans als ‘Afval bestaat niet’ en ‘Afval is niet niks’! Blijkbaar zegt dit niet genoeg! Wanneer je namelijk over straat loopt kom je nog bergen afval tegen.

Wat ik daarom heb gedaan is straatafval verzameld en dit getransformeerd tot nieuwe vellen papier. Deze vellen heb ik samengebracht in een publicatie waarmee ik mensen op een andere manier naar straatafval wil laten kijken.


Soms weet ik de naam van de maker niet meer. In dit geval is een serie borden ontworpen die de staat van een land in de Eurozone aangeeft ten aanzien van de financiele crises. Het aantal scheuren geeft aan hoe ernstig de situatie is.


Een enorme wandschildering met verf, pen maar ook door stroken papier/karton op de muur aan te brengen. Op sommige plaatsen zaten ook ‘extensies’ op de muur die weer mooi in de tekening verwerkt waren.


Linda Rommens.

De uitspraken waren leuk.
Het verband met het werk was me minder duidelijk:

Computers zijn nutteloos, ze geven enkel antwoorden
— Picasso

Biologie is de wetenschap van de 21ste eeuw
— Clinton

De Wet? Ik laat me liever een gedicht voorschrijven
— Loesje


De business cards.


Twee publicaties: een krant met een dubbele pagina voor alle grafisch vormgevers. Een boekje met een of meerdere foto’s van de afgestudeerde fotografen.


Josua Wechsler.

Zijn werk vond ik niet heel bijzonder.
Het werk maakte een erg experimentele indruk. Niet doordacht.
Maar het is wel met veel kleur uitgevoerd.
En dat kan van de meeste andere werken
in deze blog niet gezegd worden.


Guusje Houwen, La pulp fileer, video still van haar website.


Guusje Houwen, La vision de tunnel, Adem, video still van haar website.

Van haar waren een aantal video’s te zien.
Complex samengesteld door meerdere videoprojecties een verhaal te laten vertellen
of door de combinatie van video en andere middelen.
Het werk maakt een erg gedreven, haast obsessieve indruk.
soms bijna beangstigend.


Jonathan Gaarthuis, Horizon, 2012.

Dit werk maakte op mij echt indruk.
Het was zomaar ergens in een hoek weggedrukt.
Maar mijn aandacht werd er door getrokken.
Dat was bij veel ander werk niet.

Van zijn website:

Mijn werk is een gevolg van een proces dat zich afspeelt tussen tijd en ruimte. Ik laat daaruit een moment zien, of het hele proces. Een belangrijk onderdeel daarvan is hoe ik mijn fascinaties waarneem en hoe ik die ervaar.
De momenten die ik waarneem zijn vaak natuurlijke fenomenen die zich tussen het vaste en vloeibare in bewegen. Zoals water, stof en licht. Materie tussen de tijd en ruimte. Materie die niet te grijpen valt maar zich overal om ons heen verplaatst. Het zweeft tussen ons voorbij, het ontgaat ons.
Hierdoor is het voor mij als kunstenaar moeilijk om het vast te grijpen. Het gaat mij niet zozeer om het vastgrijpen maar meer om een moment uit het ongrijpbare te laten zien. Ook al is dat maar een fractie van een seconde.
Het helemaal controleren lukt toch niet. Maar dat is niet erg. Soms is het verliezen van de controle het mooiste wat er is. Wat ik wel probeer is de materie zo puur mogelijk te laten. De materie moet zichzelf blijven. Ik probeer geen illusie te laten zien, alleen maar een moment van een eindeloze ongrijpbare beweging. Ik probeer iets dat we wel zien maar waar ons oog aan voorbijgaat zichtbaar te maken.
Wat nemen we waar en wat niet?
Wat zijn de grenzen daarvan?


Youri Swanenberg, Overlevering, 2012.

Veel van het fotografisch werk was erg documentair.
Op zich is daar niets mis mee maar dat trekt mij minder.
Deze foto uit een hele serie trok mijn aandacht
omdat het achterliggende verhaal minder voor de hand liggend was
dan bij een deel van de andere afstudeerders.
Hier ging het om een wereld van sprookjes te creeeren met behulp
van technische hulpmiddelen als licht.
In mijn ogen erg geslaagd doordat dicht op het onderwerp werd gebleven
en het ook erg mooie beelden oplevert.
Vaak zag ik best goede verhalen maar het leverden geen echt
aantrekkelijk beeldmateriaal op.
Hier wel.


What's Up

Vorige week zondag ben ik naar het Dordrechts Museum geweest.
Daar loopt de tentoonstelling What’s Up.
Deze tentoonstelling probeert een overzicht te geven
van de huidige (jongste) Nederlandse schilderkunst.
Of zoals in de inleiding wordt gesteld:
“Hoe kun je nog een schilderij maken na alles wat er geschildert is?”
Men hanteerde drie regels:
= ‘Jongste’ betekent dat de deelnemers na de eeuwwisseling moeten zijn gedebuteerd
met een solotentoonstelling in een galerie, een museum of een andere kunstruimte
van landelijke betekenis. Toekenning van belangrijke kunstprijzen en beurzen tellen mee;
= ‘Nederlandse’ betekent dat de kunstenaar in Nederland woont en werkt of
dat de kunstenaar uit Nederland afkomstig is;
= ‘Schilderkunst’ betekent dat in het oeuvre van de kunstenaar schilderen centraal staat.

De eerste kennismaking met een lege Dordrechtse binnenstad was niet zo positief. Het weer zat niet mee. Het was koud en het regende een beetje. Triest weer. Deze gevel geeft dat gevoel goed weer.

Maar er is veel te zien in Dordreacht. Dit detail van een willekeurige voordeur staat daar in deze blog symbool voor.

Het Dordrechts Museum heeft overigens een mooie collectie. Die wordt op dit moment bijvoorbeeld aangevuld door een prachtige Rembrandt. Dit werk past prima bij een school van Dordtse schilders die schilderden in de stijl van Rembrandt.

Zoals u gewend bent van mijn weblog zal ik via een serie foto’s en middels mijn eigen keuze een beeld geven van de tentoonstelling.

Gijs Frieling, Detail van ‘Nous sommes les deux plus grands’, 2011, caseineverf op doek, de schilder Henri Rousseau zegt dit tegen Pablo Picasso.

Pere Llobera, El Pedo, 2009, olieverf op doek.

Pim Blokker, Crossroads, 2011, olieverf op doek.

Kim van Norren, There is no decent place to stand in a massacre, 2009, acryl op doek.

Deze tekst (Er is geen fatsoenlijke plaats om te gaan staan in een massaslachting)
sprak me extra aan in het licht van de gebeurtenissien in Homs.
Overigens is dit een citaat uit een songtekst van Leonard Cohen.

Malin Persson, Clear water/broken surface, 2010, inkt en olieverf op doek.

Arjan van Helmond, The Letter, 2011, gouache, acryl en inkt op papier.

Arjan van Helmond, Window #11, 2011, gouache en acryl op papier.

Koen Delaere, Zonder titel, 2011, olieverf, acryl en spray paint op doek.

Koen Delaere, Untitled, 2008, olieverf en spray paint op doek.

Traditie

 

Het is moeilijk om op de afzonderlijke kunstenaars een gezamenlijk etiket te plakken, maar er zijn gemeenschappelijke kenmerken. Het tonen van een persoonlijke wereld staat centraal.

 

De kunstenaars willen emoties, herinneringen, verlangens en verwondering delen met de beschouwer. Ook het experimenteren met vorm en materialen hebben ze gemeen. Naast verf en penseel gebruiken ze vaak moderne media.

 

Hoe kun je nog een schilderij maken na alles wat er al geschilderd is? Die vraag speelt in de schilderkunst van nu een grote rol. Deze generatie beseft dat ze in een lange artistieke traditie staat. De kunst van het verleden wordt niet gezien als last, juist als een rijke bron van beelden en ideexebn. Geforceerd op zoek gaan naar vernieuwing is geen issue meer. Een van de kunstenaars, Koen Delaere verwoordt het als volgt: x91Je mag het best eens eerder gezien hebben, maar waar het werkelijk om draait is dat je er niet meer om heen kunt.x92

Bij de tentoonstelling is naast een mooie catalogus een krant beschikbaar. Daarin geven alle kunstenaars aan wie hun grote voorbeeld is, in welke traditie ze staan.

De ontbrekende schakel in de carriere van Picasso

Het is een goed bewaard geheim dat de Sjah van Perzie
tijdens zijn regime een collectie Westerse kunst aanlegde.
Kunst die de afgelopen 30 jaar in de kelders in Teheran heeft gelegen.
Warhol, Picasso, Jasper Johns, van Gogh, Monet.
Kort geleden zag ik er al eens een documentaire over.
Nu las ik een artikel over een tentoonstelling in Zurich
waar ten minste een van de werken te zien is:
de ontbrekende schakel in de carriere van Picasso.


Michael Fitzgerald, Wall Street Journal, 05/03/2011.

Picasso, Les Demoiselles d’ Avignon, 1907.


Een zeldzame blik op een ontbrekende schakel
in de carriere van Picasso.

door Michael Fitzgerald
Wall Street Journal, 05/03/2011

Korte vertaling en samenvatting.

Ondanks het feit dat Picasso’s roem al jaren staat als een huis,
is een van zijn beste schilderijen en centrale werken
uit zijn omvangrijke oeuvre met zijn atelier als onderwerp,
nagenoeg onbekend.
Zelfs onder de mensen die Picasso bestuderen zijn er maar weinigen
die ‘Schilder en zijn model’ met eigen ogen gezien hebben.
Het werk dat Picasso maakte in 1927 kennen velen alleen van een reproductie.
Ik heb 30 jaar gewijd aan het bestuderen van de kunst van Pablo Picasso
maar had nooit verwacht dat ik het doek van ruim 4 vierkante meter
zelf ooit zou zien (46 square foot = 4.27 square meter).
Maar nu ben ik een van de gelukkigen die het doek heeft kunnen aanschouwen.
Als je een lijn trekt door de carriere van Picasso
dan wordt die gekenmerkt door twee grote mijlpalen:
“Les Demoiselles d’Avignon” uit 1907
en de “Guernica” uit 1937.

Les Demoiselles d’Avignon is de doorbraak van Picasso
waarbij hij de artistieke conventies van begin twintigste eeuw doorbrak.
Guernica is het krachtigste protest tegen de humanitaire crises
en het politiek geweld van de 20ste eeuw.
Tussen deze twee meesterwerken ligt “Painter and Model”.
Zijn belangrijkste schilderij na Les Demoiselles d’Avignon
en een essentiele voorloper van dr Guernica.
Het is de ontbrekende schakel in de carriere
van de grootste kunstenaar van de 20ste eeuw.

“Painter and Model” is geen shockerend doek met een naakt model,
maar juist het tegenovergestelde:
blindheid, desorientatie en hallucinerend.
Het monumentale doek is gevuld met donkerte.
Diepgrijze schaduwen vullen het grootste deel van het doek
en zorgen ervoor dat moeilijk te zien is
wat er eigenlijk op het schilderij staat.
Zelfs bij het bekijken van het werk in levenden lijve.
De compositie is bij de eerste indruk een verwarrend patroon
van donkere delen, geaccentueerd door kleine stukken licht,
zowel verblindend wit als genuanceerd zacht.

Als we gewend zijn aan de schokkende contrasten,
blijkt de afbeelding een vertrouwde
en afschrikkende werkelijkheid te tonen.
Aan de onderkant van het schilderij wordt een plankenvloer zichtbaar
die een gevoel van ruimte creeert.
In het midden van het doek zien we een vrouw.
Ze zou zo van “Les Demoiselles” kunnen komen.
De ogen staan in een geplet, grotesk vertrokken gezicht.
Hetzelfde geldt voor de neus, borsten en ledematen.
Dit lichaam is nog afschrikwekkender dan de vrouwen
op “Les Demoiselles”.
Maar hier geen verwijzingen naar een mogelijke seksuele relatie
tussen een prostitue en haar klant zoals op zoveel werken
met het thema ‘Model en schilder’.
Integendeel ze lijkt alleen te staan in een duistere ruimte,
als een symbool voor de donkerste ervaringen van de mens.

Alleen na lange bestudering onthult zich het feit
dat de vrouw niet alleen is.
Misschien is ze zelfs niet de belangrijkste persoon op het werk.
Rechts op het doek, in een zacht gekleurde halve maan,
staat de kunstenaar.
Net zo verwrongen, bestaande uit alleen een rechthoekige vorm.
De kunstenaar houdt een palet vast (de gekantelde ‘U’
met in het midden een donkere cirkel)
aan het eind van een zig-zag arm.
Zijn hoofd is in het licht en in het donker.
In de rechter bovenhoek van het doek.
Als een soort zaagblad met de ogen vertikaal naast elkaar.
Een arm strekt zich uit langs een gapende mond,
om verf op een leeg doek te zetten dat zich
naast het hoofd van de vrouw bevindt.
Van de honderden afbeeldingen die Picasso maakten
van een kunstenaar aan het werk,
is dit de meest afschrikwekkende.
In plaats van een passieve ruimte waarin een kunstenaar
rustig werkt in een artistieke uitwisseling met een model,
is het hier een intellectueel conflict tussen de twee.

Het Museum of Modern Art had dit werk graag in zijn collectie gehad.
Begin jaren ’70 werd het werk te koop aangeboden
door de Zwitserse kunsthandelaar Ernst Beyeler
maar de Sjah van Iran had meer geld
en wilde een museum voor moderne kunst vestigen.
In 1977 opende in Teheran het Museum of Contemporary Art.
Maar na de omverwerping van het regime werd het werk opgeslagen
in de kelders van het museum.
In 2003 – 2004 was het werk te zien op een tentoonstelling in Rome,
nu, 2010 – 2011, op een tentoonstelling in Zurich.


Pablo Picasso, The painter and his model, Le peintre et son modle, 1927, oil on canvas, 214 x 200 cm, Museum of Contemporary Art, Tehran.


 

By MICHAEL FITZGERALD
Despite Picasso’s longstanding fame, one of his greatest paintings and a core work in his lifelong series devoted to the artist’s studio is almost unknown. Even among Picasso scholars, few have seen the “Painter and Model” he made in 1927 or even a color reproduction of it. I have devoted 30 years to studying Pablo Picasso’s art, yet I never expected to encounter its actual 46 square feet of canvas. Now, I am one of the lucky ones who has and can celebrate both the picture and the rare but growing opportunities to view it in public exhibitions.If we drew an arc across the great years of Picasso’s career during the first half of the 20th century, there would be two paramount achievements: “Les Demoiselles d’Avignon” in 1907 and “Guernica” in 1937. The first was Picasso’s breakthrough as he shattered the artistic conventions of the 19th century; the second became the most powerful work capturing the humanitarian crises and political violence of the 20th century. Within the 30-year period separating these two masterpieces lies another: “Painter and Model.” In my view, “Painter and Model” is not only Picasso’s most important painting since “Les Demoiselles” but also the essential precedent for “Guernica.” It is the missing link in the career of the greatest artist of the 20th century.There have been few chances to view this seminal work of art, which is closely held by the Tehran Museum of Contemporary Art.We know Picasso began “Painter and Model” with high ambitions because he selected one of the largest canvases he had used since “Les Demoiselles,” and he chose the exceptional proportions of that earlier painting: a nearly square format that concentrates the composition and isolates it from the surrounding panorama of everyday things. But the strategy he employed to capture the imagination of the viewer of “Painter and Model” is radically different from the aggressive confrontation between prostitutes and audience in “Les Demoiselles.””Painter and Model” delivers not the explicit shock of naked bodies, but the opposite: blindness, disorientation and hallucination. This monumental canvas is filled with darkness. Deep gray shadows cover much of the surface and make it so difficult to discover what lies within the space of the painting that specialists have puzzled over mediocre reproductions for years. Even in person, the composition is at first a confusing pattern of darkness punctuated by patches of light, both dazzlingly white and mellow.As we adjust to these jolting contrasts, the situation begins to resolve into a reality both familiar and disturbing. Along the lower edge of the painting, floorboards emerge, marking the space of an interior. Near the center of this room stands a woman who might have stepped from “Les Demoiselles.” Flattened to a grotesque outline of distended eyes, nose, breasts and limbs, this life-size figure is an even more hideous distortion of the human body than any in the Demoiselles, yet she is severed from that painting’s sexual confrontation of prostitutes and client. She seems to stand alone in the murky, light-struck room, an emblem of the darkest experience.Only long and careful examination reveals that she is not alone or necessarily the main character of the composition. Unlike the stark spotlight falling on the woman, a gentle, yellowish glow illuminates a crescent of space on the right side of the painting. In it resides the artist. Equally distorted, he consists only of thick rectilinear lines (unlike the curvilinear ones defining the woman) so spare and scattered that we might easily miss the figure they describe. As the golden light reveals, the artist holds his palette (a flattened “U” rotated 90 degrees and enclosing a large circle) at the end of a zig-zag arm. Crossed by both light and dark near the top right corner of the canvas, the artist’s head is his most important and strangest feature. It is like a weaponxe2x80x94flattened into a saw-toothed, pointed blade on which two eyes are vertically aligned. An arm extends from this gaping mouth to paint with a brush on a blank canvas next to the head of the woman, his model.Of Picasso’s hundreds of images of the artist at work, this is the most horrific. Instead of it being a passive site in which the artist works quietly before a posing model, Picasso conceived the studio as a place of intellectual conflict in which artist and model engage in a creative exchange, albeit orchestrated by the artist.”Painter and Model” shows the culmination of this struggle, one that has unlocked the most disturbing depths of the human imagination, all set in the blandest of everyday places. Picasso described “Les Demoiselles” as “an exorcism” of evil forces from the artist or viewer. In “Painter and Model,” artist and audience are not separate from the danger. They penetrate the painting’s hallucinatory darkness and share in the violence that transforms the model.This willingness not only to acknowledge inhumanity but to plumb its depths was one of Picasso’s greatest but least-praised achievements, far less admired than its complementxe2x80x94his celebration of sensual pleasure. When he reached back to “Les Demoiselles” to create “Painter and Model,” Picasso gathered the tools he would need for “Guernica,” whose shadowy space and writhing women bring to the public stage the private horror of the figures in “Painter and Model.”Except for the chances of the marketplace, this painting would be in the Museum of Modern Art with “Les Demoiselles.” William Rubin, who led the museum’s painting department from the early 1970s through the early ’90s, told me that of all the Picasso paintings he sought for the museum, “this was the one that got away.” When Mr. Rubin tried to acquire it from the Swiss dealer Ernst Beyeler in the ’70s, another client with deeper pockets and an ambition to establish a great collection of modern Western art bought it first: the shah of Iran.”Painter and Model” entered the state collection two years before the opening of the Tehran Museum of Contemporary Art in 1977 and four years before the overthrow of the shah. By all accounts, it has since been well protected in the basement of the museum. In 2003-04, “Painter and Model” appeared in an exhibition in Rome. In late 2010 through early 2011, it was shown at the Kunsthaus in Zurich, where I finally saw it. This last appearance has sparked discussions that may result in an exhibition that will provide the opportunity for many people to see not only this seminal Picasso but also other works in the Tehran museum’s remarkable collection of modern Western art, including major paintings by Johns, Monet, van Gogh and Warhol.xe2x80x94Mr. FitzGerald teaches the history of modern art at Trinity College.

 


Pablo Picasso, Guernica, 1937.


De gruwelen van de oorlog, Guernica detail.




Gezien

The power of Art.
Simon Schama.

Een heel eigen kijk op 8 kunstenaars:
Caravaggio, Bernini, Rembrandt, Turner, Jacques-Louis David,
Van Gogh, Picasso en Rothko.

Caravaggio, David met het hoofd van Goliath, 1606/7.

Bernini, De extase van Theresa, 1647-1652.

Rembrandt Harmensz van Rijn, De samenzwering van Claudius Civilis, 1661.

Turner, Het slavenschip, 1840.

Jacques-Louis David, De dood van Marat, 1739.

Vincent van Gogh, Korenveld met kraaien, 1890.

Picasso, Guernica, 1937.

Mark Rothko, Black on maroon, 1958.

De werken op een rij zetten levert alleen al een interessant beeld op.
Schama’s heel originele invalshoeken op de carriere van deze kunstenaars
en op de werken zelf.
Mooi, op z’n BBCs verfilmd.
Vol avontuur, nieuwe feiten, nieuwe inzichten, soms tegendraads,
altijd weer verrassend.