Schetsboeken van Isaac Israëls

Wikipedia:

Isaac Lazarus Israëls (Amsterdam, 3 februari 1865 – Den Haag, 7 oktober 1934) was een van de voornaamste Nederlandse schilders uit de groep van Amsterdamse Impressionisten. Naast zijn schilderwerk was hij tekenaar en aquarellist en maakte hij pastels, etsen en litho’s.

WP_20171006_15_54_01_ProSchetsenVanDeStad

Wikipedia (vervolg):

Opgeleid in het atelier van zijn vader Jozef Israëls, een van de meesters uit de Haagse School, liep hij nauwelijks een paar jaar academie in Den Haag, van 1880 tot 1882. Hij bleef verder autodidact, naast zijn vader. In 1881 debuteerde hij met De repetitie van het signaal op de Tentoonstelling van Levende Meesters in Den Haag. Het schilderij werd, nog voor het af was, gekocht door Hendrik Willem Mesdag.

WP_20171006_15_53_46_ProIsaacIsraelsDeelVanDeSchetsboekenInDeCollectieVanGemeenteMuseumDenHaag

Een klein deel van de schetsboeken in de collectie van het Haags Gemeente Museum.


Wikipedia (vervolg):

Hij bleef in Amsterdam wonen tot 1908. Daar maakte hij kennis met het mondaine stadsleven en ontmoette er George Breitner en Willem de Zwart, die zijn schildersvrienden werden. Hij werd de schilder van het turbulente nachtleven met een vrije, zwierig impressionistische toets. In 1904 trok hij voor het eerst naar buiten met de schildersezel om er aan plein-airschilderen te doen en aldus het directe licht op doek te verwerken in strand- en duinenscènes.

WP_20171006_15_54_37_ProIsaacIsraelsTafelMetAllerleiVoorwerpen

Even inzoemen: een tafel met allerlei voorwerpen.


Wikipedia (vervolg):

Van 1905 tot 1913 leefde Israëls in Parijs, waar hij onder de indruk kwam van Edgar Degas en van het werk van Henri de Toulouse-Lautrec. Hij had er zijn atelier op de Boulevard de Clichy. Hij schilderde er de specifiek Parijse motieven: het publiek in de parken, de cafés, cabarets en bistro’s, naast de circus- en kermisacrobaten.

WP_20171006_15_54_47_ProIsaacIsraelsSchetsboekNr63

Schetsboek nummer 63 van Isaac Israëls.


Wikipedia (vervolg):

In 1923 keerde hij terug naar Den Haag. Hij ging voorgoed aan de Haagse Koninginnegracht 2 wonen, in het huis van zijn ouders, die eerder op Koninginnegracht nr. 6 woonden. In het koetshuis van nr. 2 hadden Isaac en zijn vader ieder een eigen atelier. De vader van Israëls was overleden in 1911. In 1928 won Isaac op het kunsttoernooi van de Olympische Spelen een gouden medaille in de categorie schilderkunst met het werk Ruiter in roode rok (ook wel getiteld Ruiter met de rode jas, De rode rijder of De roode ruiter).

 

Israëls overleed thuis, op 7 oktober 1934, twee dagen nadat hij werd aangereden door een auto, waar hij geen uitwendige verwondingen door had opgelopen.

WP_20171006_15_55_15_ProIsaacIsraelsStraatgezicht

Isaac Israëls, schets van een straatgezicht.


Advertenties

Boekvondst

 photo DSC_2155KneepjesVanHetVak.jpg

Kneepjes van het vak.


Het is mij onduidelijk in welke krant of welk tijdschrift
dit artikel verscheen.
Het gaat over een boekje: “De kneep”.
Het is een bundeling van artikelen geschreven door Alwin van Steijn
die eerder in Boekblad zijn afgedrukt.
Dat moet in de eerste helft van de jaren 80 in de vorgie eeuw zijn
geweest (de derde druk kwam uit in 1985).
Het boek was een uitgave van Fabrikanten van Grafische Eindproducten (FGE)

Boekvondst

Een echte boekvondst.
In een boek dat ik een tijdje terug kocht vond ik deze kaart.

 photo DSC_2156RijksmuseumVoorVolkskundeHetNederlandsOpenluchtmuseumArnhemPapierscheppenInDePapiermolenVeluwe.jpg

De kaart had als omschrijving: Rijksmuseum voor Volkskunde. Het Nederlands Openluchtmuseum Arnhem: Papierscheppen in de papiermolen. Veluwe (Gelderland). De datum waarop de kaart verstuurd is kan ik denk ik nog wel achterhalen. Met het blote oog lijkt de datum van de stempel 28 VII 87 te zijn. De titel van het boek was: ‘Handleiding Boekbinden’ van A. M. Küppers. Mijn versie van dit boek is de vierde herziene druk uit 1939.


Boekvondst: baardwekend recinit

Een nieuwe categorie op mijn blog, zeg maar een nieuwe column.
Dat gebeurt niet vaak.
Het idee is om dingen die ik vind in of over boeken,
in deze categorie onder te brengen.
Aanleiding is een serie van drie boeken die ik onlangs kocht
en waar in een van de boeken leuke artikelen zitten.
Vandaag de eerste, een advertentie.

 photo DSC_2154ThansKatoenmagnaat.jpg

Ik was hulpboekbinder, thans katoenmagnaat. De term/functie ‘hulpboekbinder’ kende ik nog niet. De foto van het krantenartikel is een beetje bewerkt. Al te grote kleurverschillen zijn er uitgehaals. De kleine scheurtjes en hoekjes die er uit zijn, zijn opgevuld.


Ik was hulpboekbinder
thans katoenmagnaat
aldus de heer M. te D.

 

Jarenlang , zo meldt ons de heer
M. te D., was ik een duistere
hulpboekbinder, kleverig en vergeten.
De smaken van lijm en linnen
waren voortdurend in mijn mond
en ik was niet in staat de
boeken te kopen, die ik zelf had
gebonden.
Tot de leverancier van het
linnen onze werkplaats betrad en
mij begon aan te staren. “Zulk
een gladgeschoren man heb ik nog
nooit ontmoet en zeker niet in de
gedaante van een hulpboekbinder”‘zei hij.
In antwoordde kort en bondig:
“Castella Scheerzeep.
Met het baardwekend Recinit”.
Deze zes woorden veranderden
mijn leven. De linnenman nam mij
mee en leidde mij op in het
textielwezen. Eerst leerde ik bonnen
achterhouden, toen vlas verbouwen,
toen katoenoogsten opkopen.
Ik bezit nu practisch alle
katoenplantages in de wereld;
als U Uw neus snuit,
snuit U Uw neus in MIJN katoen.

Ik tik hier de hele tekst uit zodat de tekst doorzoekbaar wordt.
Het zoeken in tekst op een plaatje is technisch niet mogelijk.

Met deze leuke reclame in het achterhoofd ben ik nog eens wat
verder gaan zoeken op het internet.

Daar vond ik bijvoorbeeld een beschouwing over de reclamewereld in de jaren dertig.
Daarin komt de maker van deze reclame (Karel Sartory,
in opdracht van de Dobbelman fabriek) ook aan de orde.

Dat is ook zo in het volgende artikel in NRC:

Baardwekend recinit
S. Montag, 14 januari 2012

Het ging over beroemdheden van destijds, intussen nog beroemder of onherstelbaar aan lager wal geraakt.
In ieder geval human interest, alles wat een sterveling over een andere sterveling kan interesseren.
Je kon er een voorbeeld aan nemen, je verkneuteren aan leedvermaak, dat maakte geen verschil.
Het was nieuws zonder een morele lading. Op de keper beschouwd puur drama.
Het leven van deze mensen had een beslissende wending genomen, en daarover willen de meeste andere mensen het naadje van de kous weten.

 

Opeens dacht ik aan die eenvoudige portier in een chic Amsterdams hotel.
De hele dag koffers dragen, deuren open houden, mensen laten voorgaan, fooitjes incasseren, wat een portier verder doet.
Daar komt een belangrijke gast uit Brazilië, die hem een seconde verbijsterd aankijkt en dan met een stem vol bewondering zegt: Wat bent u prachtig geschoren!
Deze ontmoeting is voor de portier het begin van een nieuwe carrière.
Later zien we zijn getekend portret in de krant met deze tekst:
‘Eens was ik een simpele Amsterdamse hotelportier. Nu ben ik president van Brazilië.’

 

Het is een reclame van de Dobbelman fabriek, voor de bijzondere Castella scheerzeep met ‘baardwekend recinit’.
Het was aan het begin van de oorlog.
Iedere week verscheen er een aflevering waarin iemand met een nederig beroep door een toevallige ontmoeting
met een invloedrijk persoon plotseling een fabelachtige carrière maakte, dankzij dit ‘baardwekend recinit’.
Een vuilnisman werd directeur van de Nederlandse Spoorwegen, een bakkersknecht klom op tot Chef Staf
van de landmacht. Ik noem maar wat.
De serie was bedacht door Karel Sartory (1906-1981) en werd geïllustreerd door Eppo Doeve (1907-1981)
die ook nog Nederlandse bankbiljetten heeft ontworpen.

Sartory was een vrolijk genie.
In het begin van de jaren vijftig ben ik uit eerbied voor zijn talent eens bij hem op bezoek gegaan, ergens aan de Willemsparkweg of de Koninginneweg.
Hoe het is verlopen weet ik niet meer, maar in ieder geval viel het niet tegen.
Wel herinner ik me dat hij onophoudelijk sigaretten rookte.
Hij heeft ook de slagzin Chief Whip op ieders lip! bedacht.
Doeve is later politiek tekenaar van Elseviers Weekblad geworden en hij was stamgast van Café Scheltema.
Als hij er zin in had, tekende hij een bankbiljet voor je, van duizend of desnoods tienduizend gulden, met het portret van de koningin erop. Ook lang geleden.

Op Internet zijn er een hele hoop afbeeldingen te zien die met
deze advertentie te maken hebben. Zoals de volgende serie:

 photo Dobbelman reclame DM20001 01.jpg

Dobbelman reclame. Dit lijkt wel een opgemaakte advertentie.


Ook deze afbeelding en onderstaande tekst komt van Geschiedenis Lokaal,
gevonden 28-05-2017.

Reclame voor Castellazeep van Zeepfabriek Dobbelman gemaakt door Karel Sartory, “Ooit was ik… thans… dank zij Castella Scheerzeep met het wonderlijke Recinit”. Sartory was een bekend Nederlands reclameman en werkzaam voor het bekende Amsterdamse reclamebureau De la Mar. Hij maakte gebruik van parodie in zijn reclames. In deze reclame vertellen fictieve figuren overdreven over al de positieve gevolgen die Castellazeep voor hen gehad heeft. Het was een parodie op Amerikaanse advertenties.

 photo Dobbelman reclame DM20001 02.jpg

En hier nog een. Het leuke is dat de advertentie die ik heb in deze serie niet voorkomt.


Dezelfde bron.
Na de oorlog (1945 – 1947) werd de advertentie nog steeds gebruikt
maar dan in een iets andere vorm.

 photo DobbelmanReclameBrengtGijMijOmZeepWinston.jpg

Brengt gij mij om zeep, Winston?


Dat de reclames veel indruk hebben gemaakt blijkt wel
uit de volgende tekening van Opland:

 photo OplandParodieOpCastellaScheerzeepreclame1957.jpg

Opland met een parodie op de Dobbelman reclames.


Deze spotprent vond ik hier op 28-05-2017.
Met de volgende toelichting:

Dit is een prent uit 1957 van de politieke tekenaar Opland. Opland heeft zich bij het maken van deze cartoon laten inspireren door de reclameposters die de Nijmeegse zeepfabriek “Dobbelman” in die tijd maakte. Opland heeft een parodie gemaakt op de manier waarop in die tijd Dobbelman voor haar Castellazeep reclame maakte.

Deze Castella-reclameprenten werden gemaakt door Karel Sartory. Hij was een van de eerste Nederlandse copywriters in de reclame die werkte met het procedé van parodie. Het belangrijkste voorbeeld hiervan is de campagne voor Castella Scheerzeep, waarvoor hij de teksten schreef. Deze campagne bestond uit zogenaamde testimonials, waarin fictieve figuren hoog opgaven van de werking van de Dobbelman scheerzeep. De overdrijving was duidelijk.

In de cartoon vertelt Opland op de manier die Sartory gebruikte hoe de politieke carrière van de belangrijke Russische sov(jet)leider Sjepilov is verlopen.

Geschiedenis lokaal (mijn bron) gebruikte op hun beurt als bron de volgende site.