Gelezen: Luc Panhuysen, Een Nederlander in de wildernis

 photo WP_20170409_001LucPanhuyzenEenNederlanderInDeWildernis.jpg

Luc Panhuysen, Een Nederlander in de wildernis. De ontdekkingsreizen van Robert Jacob Gordon in Zuid-Afrika. Begonnen als een tussendoortje. Ik las Oranje teggen de Zonnekoning en wilde De ware vrijheid lezen. Maar de boekenwinkel had even geen exemplaar van dat boek. Dus dit maar even gelezen.


In de 18e eeuw was wetenschap vooral het verzamelen van feiten.
Het is de tijd van de encyclopedie van Diderot bijvoorbeeld.
Robert Jacob Gordon was een Nederlander uit een oorsponkelijk
Schotse familie die reizen ondernam door wat nu Zuid-Afrika heet.
Hij was onder andere heel erg geinteresseerd in het kameelpaard,
het dier wat wij nu giraffe noemen.

Luc Panhuysen vertelt op een heel begrijpelijke manier
het interessante verhaal van een bijzondere man die we
helemaal vergeten zijn.
De impact van Robert Jacob Gordon op cartografie en zoologie is aanzienlijk.

Naast de verhalen over de reizen krijgen ook even mee hoe het
koloniale bestuur geregeld was en hoe dat in die jaren verliep.
Het geeft inzicht in oorzaken die later tot de Boerenoorlogen
zouden leiden.

 photo KameelpaartDuijvesteincollectieCBogerts-GHaasbroekMetDeHandGekleurdUitVosmaer.jpg

Duijvestein collectie, C. Bogerts – G. Haasbroek, met de hand gekleurd uit Vosmaer.


Op de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren las ik:

Gordon is in zijn gehele Zuid-Afrikaanse periode zeer produktief geweest.
Er zijn nog heel wat manuskripten, tekeningen en kaarten van zijn hand bekend.
Allereerst is er een verzameling notities, sinds kort in de Brenthurst Library in Johannesburg.
Naast de journalen van de vier expedities, bevat die kollektie allerlei aantekeningen over de meest uiteenlopende onderwerpen.
Daartussen bevindt zich een folder met de titel ‘Renseignements & descriptions de plusieurs animaux’,
waarin 58 losse bladzijden met gegevens over de Kaapse fauna.
Het betreft voornamelijk uitvoerige beschrijvingen van het uiterlijk van de dieren en opgave van de afmetingen, slechts zelden wordt iets vermeld over levenswijze of woonplaats.
De reisjournalen zijn in wezen een dagboek waarin de belangrijkste gebeurtenissen, de weersomstandigheden, de route en de afgelegde afstand staan opgetekend.
Soms gaat Gordon wat uitvoeriger in op de gewoonten en taal van de inboorlingen, of op het uiterlijk van de geschoten dieren.
Volgens Barnard zou dit ongeordende materiaal bestemd zijn geweest voor een boek over zuidelijk Afrika.
Gordon schijnt dit inderdaad van plan geweest te zijn, zoals verschillende van zijn tijdgenoten ons verzekeren, er is echter nooit iets van gekomen.

De tweede belangrijke bron is de ‘Gordon Atlas’ in het Rijksprentenkabinet van Amsterdam.
Er zijn zes banden.
De eerste twee bevatten 15 kaarten van zuidelijk Afrika, een plattegrond van Kaapstad en 52 topografische tekeningen.
Deel 3 bevat 25 tekeningen van de oorspronkelijke bewoners van Zuid-Afrika.
De overige tekeningen, vogels en zoogdieren.
Deel 6 tenslotte bevat 108 schetsen van Kaapse planten.
Het merendeel van de tekeningen is gekleurd met waterverf, slechts enkele zijn alleen in inkt of potlood uitgevoerd.
Gewoonlijk geeft Gordon in een paar woorden, hoogstens een paar regels, kommentaar op de voorstelling.
Alleen bij de zoogdieren wordt geregeld een uitgebreide beschrijving toegevoegd, soms lang genoeg om de gehele achterkant van de schets te beslaan.
De meeste tekeningen in de Atlas moeten gemaakt zijn in de periode van juli 1777 tot eind 1779, zoals blijkt uit het kleine aantal gedateerde schetsen en uit verwijzingen ernaar in Gordon’s korrespondentie.
Gordon is echter later in zijn leven bezig gebleven met zijn studie van de Kaapse fauna.
In verscheidene gevallen is met vrij grote zekerheid vast te stellen dat tenminste de tekst na 1779 geschreven moet zijn, of dat er woorden aan toegevoegd werden.
De Gordon Atlas is geenszins een uniforme verzameling, zelfs niet als we alleen de dierentekeningen bezien.
Er zijn allerlei verschillende formaten, verschillen in de afwerking van de schetsen, en minstens vijf frequent terugkerende handschriften in de notities.
Het zou voorbarig zijn om hieruit te konkluderen dat Gordon niet voor alle tekeningen en teksten persoonlijk verantwoordelijk zou zijn.
Opmerkelijk is dat vrijwel alle vogeltekeningen zijn voorzien van een naam in het frans, in een handschrift dat vrijwel zeker aan de beroemde franse reiziger François Levaillant heeft toebehoord.
Er is echter geen enkele overeenkomst of beïnvloeding te konstateren tussen Gordon’s tekenarbeid en Levaillant’s monumentale Histoire Naturelle des oiseaux d’Afrique (1796-1808).

Er is al veel gestreden over de identiteit van de kunstenaar die verantwoordelijk is geweest voor de tekeningen in de Gordon Atlas.
Vroeger werd meestal Gordon zelf alle eer gegeven.
Dit is slechts ten dele waar, zoals onder meer blijkt uit een bewering van mevrouw Gordon dat

‘the charts & natural history… were all designed by her own husband, who drew every outline, and had them finished under his own eye.’

Gordon had dus de volledige wetenschappelijke verantwoordelijkheid, maar hij deed niet al het werk zelf.
Hij werd daarbij geholpen door minstens één tekenaar, een soldaat van zijn compagnie.
De eerste aanwijzing voor de identiteit van die schilder komt van A. Hallema, die de tekeningen welke tijdens de reis van Hendrik Swellengrebel in de Kaaplanden in 1776-77 gemaakt werden, vergelijkt met die in de Gordon Atlas.
Volgens hem is er een ontegenzeggelijke overeenkomst wat betreft de artistieke kwaliteiten en de techniek.
Slechts één tekening in de kollektie van Swellengrebel is gesigneerd, en wel door een Johannes Schumacher.
Hallema zegt niet expliciet dat die Schumacher ook als Gordon’s tekenaar gezien moet worden.
Die stap wordt echter spoedig daarna gedaan door Forbes.
Pas kort geleden is er grote zekerheid over dit onderwerp gekomen, doordat Gordon in zijn reisjournalen
soms spreekt over zijn schilder, of over Schoenmaker (of Schoemaker).

www.dbnl.org
Dat geeft een goed beeld van het materiaal waarop Luc Panhuysen zijn
boek onder andere baseert.

Advertenties