…teneinde zich koortsig, reutelend en stinkend…

Oud Parijs: La Bièvre.


…een wirwar van smerige steegjes, doorsneden door de Bièvre, die zich in die buurt ontworstelde aan de ingewanden van de metropool waar zij allengs door was beknot, teneinde zich koortsig, reutelend en stinkend in de nabijgelegen Seine te storten.

Umberto Eco, De begraafplaats van Praag.


Charles Marville, de leerlooiers aan de Bièvre.


Bièvre (Wikipedia), pagina 7

Wikipedia

De Bièvre is een Frans riviertje. Het ontspringt in Guyancourt (Yvelines) en mondt in het centrum van Parijs in de Seine uit, ter hoogte van het Gare d’Austerlitz. Sinds 1912 is de rivier in het 5e en 13e arrondissement van Parijs helemaal overdekt en maakt hij deel uit van het riolennet.
In de 18de eeuw werd in de winter het ijs van de poelen en vijvers langs de oevers van de Bièvre systematisch weggehaald en opgeslagen in ondergrondse bunkers om te bewaren voor de zomer. Dit feit gaf in 1860 zijn naam aan de Rue de la Glacière, die op zijn beurt zorgde voor de naam van het nabijgelegen metrostation Glacière.


Hubert Robert, La Bièvre, 1768.


De Bièvre vandaag in het centrum van Parijs: onder de grond, een rioolbuis.


We blijven voor de spullen bij elkaar

“We blijven voor de spullen bij elkaar” is een wel heel zielige uitspraak.
Ik las hem in de Nieuwsbrief van Museum Het Valkhof.
Toen ik met de cursor over onderstaand kunstwerk
van Teun Hocks ging, werd deze tekst zichtbaar als tooltip.
Ik vond het wel iets hebben bij deze foto.





Teun Hocks, Untitled, 2008.





Het werk van Hocks geeft altijd veel stof tot nadenken.
Op de vooravond van de maand van de filosofie mag dat wel.

De werkelijkheid is dat er iets is misgegaan met de nieuwsbrief.
De titel “We blijven voor de spullen bij elkaar” heeft betrekking
op een performance van Theatergroep Fien die inmiddels al
bijna een jaar geleden te zien was in genoemd museum.

Toeval bestaat niet.

Etienne Dolet: apostel van de vrije gedachte

We staan nog maar aan het begin van ‘De begraafplaats van Praag’
maar er vallen al hele grote woorden.
Ik heb het web afgezocht om de achtergronden beter te begrijpen
van Etienne Dolet.

Etienne Dolet,
pagina 7.
Al op de eerste pagina tekst is het raak.
Je valt midden in het verhaal.
Schijnbaar achteloos wordt op regel acht een naam genoemd.
Maar je weet dat Eco nooit zomaar iets noemt.
Daar moet iets achter zitten.
In de eerste regels tot aan regel acht gaat het al over
de onderwereld, de universitaire wereld
en gaat het over het executeren van verdedigers van de vrijheid.
Het gaat ergens over!


Portret van Etienne Dolet, gevonden via Europeana.


En dan valt de naam Etienne Dolet.
Voor mij een volstrekt onbekende figuur.
Reden om eens uit te zoeken waarom die naam nu juist,
hier door Eco genoemd wordt.
Dolet is een drukker en schrijver
aan het eind van de Middeleeuwen in Frankrijk.
In de Middeleeuwen was er een (1) Waarheid: de Bijbel.
Toegang tot die bijbel was niet eenvoudig.
Immers deze tekst is origineel geschreven in het Hebreeuws en Aramees.
Tot dan toe werd in de kerk gebruik gemaakt van de Vulgaat.
Een vertaling in het Latijn door Hieronymus tussen 309 en 405 na Christus.
Goedgekeurd door Rome.
Alleen mensen die gestudeerd hadden beheersten
het lezen en schrijven van Latijn.
Dus de groep mensen die toegang had tot de Waarheid,
die in staat was de Waarheid uit te leggen of voor eigen gebruik
in te zetten was klein: de kerk, de adel, de wetenschap in opkomst.


Rue Etienne Dolet, daar ligt dit bovengrondse, Parijse metrostation genaamd Malakoff. Mooie foto, waarschijnlijk wel een beetje digitaal bijgekleurd.


In iedere samenleving met een (1) Waarheid gaat dat vroeger of later fout.
Of dat in het Libie van Moammar al-Qadhafi (Kadhafi) is,
in het Roemenie van Ceausescu of in de middeleeuws Christelijke wereld.
De machthebbers maken misbruik van hun positie
en verdedigen zich met de ene Waarheid
waarop zij het monopolie hebben.
Iemand die daar iets aan probeert te doen loopt gevaar.


Op 22 mei 1892 verscheen er in een artikel in de Nieuwe Amsterdamsche Courant over het buitenland een stukje over de onthulling van een monument voor Etienne Dolet.


Een schrijver en drukker wil teksten maken en gelezen worden.
Het liefst door zoveel mogelijk mensen.
Als die schrijver zich dan niet wil binden aan de ene Waarheid maar
echte waarheidsvinding wil doen, dan loopt hij gevaar.



Ironisch is natuurlijk dat Etienne Dolet het tegenovergestelde is
van de man die op de achterflap van het boekgenoemd wordt: Simone Simonini.
Simonini vervalst geschriften om de loop van de geschiedenis
te beinvloeden.
Dolet probeert juist geschriften te openen voor een groter publiek
om de geschiedenis te beinvloeden.
Umberto Eco noemt Etienne Dolet een apostel van de vrije gedachte,
je hoeft je dus niet af te vragen wie zijn voorkeur heeft.



 

Etienne Dolet werd op 3 augustus 1509 in Orleans geboren. Hij is een drukker, schrijver, dichter en humanist. Etienne Dolet zou een onecht kind van Francois I zijn. Helemaal bewezen is dit niet, maar hij komt zeker uit de hogere kringen. Hij studeert rechten in Parijs, in Italie en in Toulouse. In 1526 gaat hij naar Padua. De dood van zijn meester en vriend Simon van Villanova (ik kan niets over deze persoon vinden op het internet) zet hem er toe aan om in 1530 de post van secretaris van Jean van Langeac, bisschop van Limoges en ambassadeur van Frankrijk in Venetie te aanvaarden. Na zijn terugkeer in Frankrijk pakt hij zijn studie rechten weer op. Door zijn onstuimig humeur raakt hij tijdens zijn leven meerdere keren verstrikt in conflicten over het protestantisme en het rationalisme, wordt regelmatig gevangen gezet en komt weer vrij. Een aantal artikelen maken ook melding van een moord begaan door Dolet. Op 3 augustus 1546 wordt hij gefolterd, gewurgd en met zijn boeken op de Place Maubert in Parijs verbrand. De aanklachten waren godslastering en het in bezit hebben van verboden boeken. In 1889 is voor Etienne Dolet in Parijs een standbeeld opgericht.

 



De parallel van de boekverbranding van Dolet en de boekverbrandingen
van de Nazis is duidelijk.
Om de breedte van de belangstelling van Dolet aan te geven
volgt hier een kort stuk uit een scriptie.

Dhr. Pim Walenkamp schrijft het volgende over Dolet in zijn scriptie voor de Universiteit Utrecht over een onderzoek naar metafoortheorieen en vertaalproblemen van de Bijbelse metafoor de Goede Herder (de scriptie is gedateerd 31 augustus 2007).Etienne Dolet was een van de eerste die een serieuze vertaaltheorie formuleerde. Hij leefde van 1509 tot 1546 en verbleef zijn gehele (?) leven in Frankrijk. De meeste vertalers benadrukken het behoud van de betekenis van het origineel; de vorm en de doeltaal zijn hieraan ondergeschikt. Wat stijl van de vertaling betreft lopen de meningen van de verschillende geleerden echter behoorlijk uiteen. Hierin laat men zich soms leiden door het beoogde lezerspubliek, terwijl sommigen ook de eigen smaak behoorlijk laten meespreken. Voor Luther was van belang, dat iedereen de Bijbel zou kunnen lezen in begrijpelijke taal. Dus bedient hij zich in zijn vertaling van een begrijpelijk soort omgangstaal. Ook de zestiende-eeuwse geleerde Etienne Dolet legt de nadruk op normaal, dagelijks taalgebruik; daarnaast stelt hij echter dat een vertaling een elegante stijl dient te hebben, een stijl die in de hele tekst gelijk moet zijn. In de laatste eis klinkt duidelijk Dolets eigen literaire smaak door. Kortom,1. Gebruik in je doeltaal normaal en dagelijks taalgebruik dat de gewone lezer begrijpt.2. Hanteer een elegante stijl, die wel in de gehele vertaling synchroon dient te zijn. Waar Dolet het figuurlijke en de stijl van de vertaling voorop stelt, stelden de meeste vertalers in de zeventiende en achttiende eeuw de letterlijke vertaling voorop. Voorbeelden hiervan zijn Pope en Dryden, twee bekende Engelse dichters uit de achttiende eeuw. In 1789 schreef George Campbell een bekend werk over Bijbelvertaling. Hij hanteert drie uitgangspunten voor vertalen: 1. Geef een correcte weergave van datgene dat het origineel bedoelt. 2. Zorg ervoor dat je in de vertaling de geest en de stijl van de auteur recht doet. 3. De vertaling moet de kwaliteit van het origineel evenaren.

 


Standbeeld in Parijs van Etienne Dolet in 1906.


Vervolgens trof ik een studie aan
op een website over ‘verboden boeken’.
De studie wordt in verband gebracht met Spinoza.
Waarom geeft de website niet aan maar ik zou me er
het volgende bij kunnen voorstellen.
Spinoza schrijft bijvoorbeeld een analyse van de bijbel
waarbij het probleem van vertalen een grote rol speelt
en is daarnaast een filosoof die zich bezig houdt
met godsdienstvrijheid en tolerantie.
De auteur van de studie of de eigenaar van de web site
kan ik niet achterhalen.
De studie gaat over een boek met als Nederlandse titel: Vertoog over de drie bedriegers, uit 1777 (Traite des trois imposteurs).
Met de drie bedriegers worden Mozes, Jezus en Mohammed bedoeld.


Graftombe van Jean de Langeac of Jean van Langeac, bisschop van Limoges. Deze voorstelling op zijn graf behandelt onder andere de ‘Vier ruiters van de Apocalyps’.


De vertaler schrijft:

In het begin van de 18e eeuw ontstond een geheel nieuw genre van clandestiene boeken en manuscripten. Vooral Frankrijk en Nederland leverden daar een groot aandeel aan. Er was een schaduwwereld van verborgen drukpersen en in het geniep rolden daar grote aantallen opstandige en rebelse geschriften vanaf, met fictieve schrijvers en fictieve uitgeverijen op het titelblad.

Grappig is dat er een hele reeks mensen zijn van wie vermoed wordt
dat zij de schrijver zijn van dit werk.
De lijst omvat onder andere: Macchiavelli, Rabelais, Erasmus,
John Milton, een Mohammedaan Merula genaamd, Dolet en Giordano Bruno.
Dus Dolet wordt genoemd als vermoedelijk schrijver van een geheim geschrift.
Leuke parallel met De begraafplaats van Praag.


Graftombe van Jean de Langeac, bisschop van Limoges. De ‘Vier ruiters van de Apocalyps’.


Will Eisner



Will Eisner zelfportret met handtekening en nummer in mijn copie van de Nederlandse uitgave van ‘Een contract met God’.





Will Eisner is een Amerikaanse striptekenaar die in Europa
bij het grote publiek niet zo bekend is.
De strip die hem bekend maakte heette “Spirit”.
De laatste jaren is hij in europa vooral bekend geworden
door zijn “graphic novels”.
Dit zijn boeken die het midden houden tussen romans
en stripverhalen en vaak een heel serieus thema aansnijden.
Zo schreef hij ‘Een contract met God’ over het leven in de Bronx
in New York en “The Plot – the secret story of the protocols
of the Elders of Zion” over de vervalsing die een eigen leven ging leiden
en die vandaag nog steeds door mensen wordt aangehaald als
rechtvaardiging voor hun antisemitisme.





Will Eisner, schets van ‘Spirit’.





Wikipedia

William Erwin Eisner (Brooklyn, 6 maart 1917 xe2x80x93 Fort Lauderdale, 3 januari 2005) was een Amerikaanse comicsschrijver. Hij was de zoon van Joodse immigranten.

Will Eisner was een van de pioniers van de Amerikaanse comicsscene. Zijn werk omvat onder andere de serie The Spirit, het boek A Contract with God en meer recent het boek Fagin de Jood.

In de jaren vijftig kreeg hij bekendheid als tekenaar van de serie The Spirit, een wekelijkse acht pagina’s grote krantenbijlage handelend over een superheld zonder speciale supergaven.

Gexc3xafnspireerd door het werk van Robert Crumb, begon Eisner in de jaren 1970 te werken aan het boek A Contract with God (“Een contract met God”), waarin het alledaagse leven in de Bronx wordt beschreven. De sobere zwart-wit illustraties beschrijven thema’s als de dood, verdriet, geloof en seksuele gevoelens. Vaak speelde dit zich af tegen een Joodse achtergrond.

“Ik beschrijf het menselijk bedrijf, en het leven” vertelde hij in een interview. “Voor mij is het leven de vijand, en het gevecht van mensen om dat te overwinnen is in feite het centrale thema dat je in heel mijn werk terugvindt.”







Will Eisner “Spirit”.





A painting a day keeps the doctor away: MAF Rxc3xa4derscheidt





MAF Rxc3xa4derscheidt, Die Frau mit dem grossen herz, 16/02/2011, aquarel.





Via Twitter kwam ik vanochtend terecht op de web site
van deze Duitse kunstenares: MAF Rxc3xa4derscheidt.
Met mijn beperkte kennis van de Duitse taal maak ik van haar web site op
dat ze poogt dagelijks een werk op het web te zetten
en dat ze daarnaast nog allerlei projecten doet.
Vooral de kleuren spraken mj erg aan.

Hier kunt u haar web site vinden.





MAF Rxc3xa4derscheidt, Die Sxc3xa4nger der blauen stunden, 05/02/2011, aquarel.