Kunstvaria

Het vermoeden dat ik weer ‘problemen’ zou krijgen met
de afbeeldingen die ik in deze web log wil laten zien
is al waarheid geworden.
Ik had drie afbeeldingen van Jan Gossart gevonden.
Een er van is een Venus.
Dat mag niet van Photobucket.
De grote tentoonstelling waarop die schilderij op dit moment te zien is
is nog wel een tentoonstelling in New York.

Vandaag weer een gevarieerde verzameling werken (met twee draken)
met opvallend veel Aziatische werken.
De reden daarvoor is dat een van de drie tentoonstellingen
in het Metropolitan Museum of New York over China gaat.

Geniet!





Abraham Bloemaert, Cimon and Iphigenia, late 1620’s, oil on panel.


Om onduidelijke redenen mag dit schilderij wel.
Dit is toch ook een blote vrouw?

Wikipedia

Iphigeneia is een figuur uit de Griekse mythologie. Zij was de dochter van Klytaimnestra en koning Agamemnon.

Agamemnon wilde haar offeren in opdracht van Poseidon of Artemis, omdat hij een heilig hert van Artemis had gedood, om een gunstige wind te verkrijgen om uit te varen vanaf Aulis voor de Trojaanse oorlog. Zij werd gered door de godin Artemis, die op het laatste moment medelijden kreeg met het meisje en haar verwisselde met een hert. Het offeren van haar dochter was voor Klytaimnestra aanleiding om haar man Agamemnon na terugkeer te doden.



Overigens komen Cimon en Iphigenia ook voor in de Decamerone.





Barry Le Va, On corner, on edge, on center, shatter within the series of layered pattern acts, 1968 – 1971.






David Hockney, Divine, 1979, acrylic on canvas.






Emilie Clark, Untitled (MM-57), 2009 – 2010, watercolor on paper.






Francisco de Goya y Lucientes, Friar Pedro clubs the Maragato with the butt of the gun, circa 1806, oil on panel.


Dit schilderij van Goya is onderdeel van een serie werken.
Het is een soort fotorapportage.
Het wordt mooi beschreven door The Art Institute of Chicago:

Tekst afkomstig van de web site van The Art Institute of Chicago

Francisco Josxc3xa9 de Goya y Lucientes was a passionate chronicler of the spectrum of human experience, from the mundane to the most brutal political events. The story of the capture of the dreaded Spanish bandit El Maragato in 1806 by the humble monk Pedro de Zaldivia caught the artistxe2x80x99s imagination. It also caught the attention of the Spanish population. The event was publicized in newspapers and pamphlets and became the subject of ballads, popular prints, and paintings.

Monk Pedro de Zaldivia Shoots the Bandit Maragato is the fifth panel in a series of six that illustrates the events as they unfolded in the town of Oropesa, west of Toledo, Spain. This scene presents the degrading and somewhat humorous downfall of the bandit: the monk Pedro, a brother of the Franciscan order, shoots Maragato in the buttocks to prevent him from fleeing. Goyaxe2x80x99s broad and quick brushwork pinpoints the essential drama of the event. The painting resembles an immediate, on-the-spot sketch, as if it were meant to accompany a newspaper story that publicized the current event. Goya is known as a Romantic painter for his interest in the irrational aspects of human existence, both criminal and virtuous. Like many other Romantic painters, Goya opposed the rationalist claims of Enlightenment thinkers, who believed in the perfectibility of humanity based on logic. His depictions of contemporary society often reveal the flaws in this more optimistic ideology.

The serial aspect of these six panels confirms the documentary element of Goyaxe2x80x99s work. In the first panel, the monk Pedro unwittingly stumbles upon the bandit El Maragato, who raises his gun to the monk and will shortly lock him up with the rest of the Oropesa townspeople. In the second panel, the monk gains freedom from the jail cell by offering the criminal a pair of shoes. He then uses this opportunity to wrest the gun from the bandit and club him with it, illustrated in the third and fourth panels. After shooting him in buttocks, the monk binds El Maragatoxe2x80x99s hands with rope to await the authorities. The conclusion of this event, not depicted by Goya, was the public hanging and drawing and quartering of the bandit in Madrid.







Henry Moore, Four-piece composition, reclining figure, 1934, Cumberland alabaster.






Jacobo Bassano, The adoration of the shepherds, circa 1546.






Jan Gossart, Saint Luke drawing the Virgin, circa 1520 – 1522, oil on panel.


Dit werk mag natuurlijk wel.
Overigens is dit een bekend thema in de schilderkunst.
Lucas, de evangelist, zou volgens legendes
een portret geschilderd hebben van Maria.


Jan Gossart, Venus, 1521, oil on panel.



Jan Gossart, Venus, 1521, oil on panel.






Jar with dragon, Yuan dynasty, 1271 – 1368, pottery with painted decoration, Cizhou ware.






Jizai Okimono, The dragon, 18th or 19th century, Edo period, Japan, iron.


Jizai Okimono is volgens mij niet de maker maar de techniek
die gebruikt werd in Japan om dergelijke voorwerpen te maken.





Lin Fengmian, Opera figures, scroll mounted and framed, 1900 – 1991, ink and colour on paper.






Martin Johnson
Heade, Cattleya orchid and three hummingbirds, 1871, oil on panel.



Ongelofelijk levensecht.
De Cattleya orchid is een familie orchideexc3xabn.
De soort komt uit het gebied dat loopt van Costa Rica tot
het zuidelijkste puntje van Zuid Amerika.





Rembrandt van Rijn, The windmill, 1641.






Stem cup with dragon, 14th century, Yuan Dynasty, porcelain with underglaze, cobalt blue decoration.






The sarcophagus of Queen Edith of England, wife of Otto I, Holy Roman Emperor, Magdeburg.


Beeldhouwwerk op de sarcofaag van en voorstellende
Koningin Edith van Engeland, vrouw van Otto I,
Keizer van het Heilige Roomse Rijk.





Thomas Nozkowski, Untitled 8-134, 2010, oil on linen on panel.






Unidentified artist, Beggar-Singer with hound, Yuan Dynasty, 1271 – 1368, hanging scroll, ink and paper on silk.


Onbekende kunstenaar.
Afbeelding van een bedelaar/zanger met een hond.
Het is een schildering op papier en dan op linnen bedoeld
om zo opgehangen te worden.





William Kentridge, Drawing for the film Stereoscope, 1998 – 1999, charcoal, pastel, colored pensil on paper.




Jan Gossart

Tijdens mijn zoektocht naar de kunstwerken voor de Kunstvaria
van deze week, kwam ik terrecht op de website
van het Metropolitan in New York.
Daar zijn nu drie fantastische tentoonstellingen.
Een ervan gaat over de Zuid Nederlandse schilder Jan Gossart.
Drie afbeeldingen heb ik er deze week van.
Een van die werken heeft mijn speciale aandacht getrokken
omdat de geportretteerde man waarschijnlijk
Graaf Hendrik III is, Graaf van Breda.
En dat werk staat centraal in dit log.

Er is een tweede reden waarom mijn aandacht
getrokken werd naar deze schilder.
Onlangs bezocht ik de tentoonstelling in Brussel over Lucas Cranach.
Centraal in die tentoonstelling staat hoe de renaissance
vanuit Italie zijn weg vindt naar Noord Europa.
Interessant is dat Jan Gossart in dezelfde kringen verkeerd,
dezelfde mensen kende als Lucas Cranach.
Beide schilders spelen een rol in het
uitwaaieren van de renaissance naar Noord Europa.
Albrecht Dxc3xbcrer is voor beide schilders een inspiratiebron.

De twee andere schilderwerken die ik vond op de web site van
het Metropolitan in New York hebben thema’s verwant
met de thema’s waaraan Lucas Cranach werkte.
De tekst op Wikipedia die ik hieronder aanhaal
verwijst ook duidelijk naar die thema’s.

Alles bij elkaar weer een spannende ontdekkingsreis.





Jan Gossart, Portrait of a man (Henry III, Count of Nassau-Breda?), circa 1520 – 1525, Oil on oak panel.


Portret van een man.
Waarschijnlijk Hendrik III, Graaf van Nassau-Breda.
Olieverf op een eikenhouten paneel.




Wikipedia

Jan Gossaert (Maubeuge ?, ca. 1478 – Antwerpen ?, 1 oktober 1532) was een Zuid-Nederlandse kunstschilder, prentmaker en ontwerper. Naar zijn vermoedelijke geboorteplaats Maubeuge in het graafschap Henegouwen werd hij ook vaak “Mabuse” genoemd en men treft soms ook de Latijnse vorm “Malbodius” aan.

In het eerste decennium van de 16e eeuw behoorde Gossaert tot de zogenaamde “Antwerpse manixc3xabristen”. Na zijn bezoek aan Italixc3xab (1508-1509) in het gevolg van de humanist Filips van Bourgondixc3xab, admiraal van Zeeland en later bisschop van Utrecht, speelde Gossaert een belangrijke rol in de introductie van de Italiaanse Renaissance in de Nederlanden. Gossaert zou de grondslag leggen voor de schilderkunstige stroming die later met de term “Vlaams Romanisme” zou worden aangeduid, en die een sterke invloed onderging van de kunst van de “Romeinse” hoog-renaissance, met name Rafaxc3xabl, Michelangelo en hun navolgers. Gossaert werd al kort na zijn dood beschouwd als de eerste Nederlandse kunstenaar die klassiek gexc3xafnspireerde mythologische taferelen met naakte figuren schilderde.

Afkomst, opleiding en verblijf in Antwerpen
De handtekeningen op enkele van zijn schilderijen zoals “Iennin Gossart de Mabu[s]e” en later ook “Ioannes Malbodius” geven een sterke aanwijzing dat Gossaert in of rond Maubeuge geboren werd of dat tenminste zijn ouders uit die streek afkomstig waren.

Op dat moment hoorde deze stad nog bij het Graafschap Henegouwen dat deel uitmaakte van de Habsburgse Nederlanden. Zijn geboortedatum is niet uit de archieven bekend maar is afgeleid van de inscriptie op een portret dat Gossaert in 1528 op vijftigjarige leeftijd zou hebben geschilderd. Een andere indicatie is ook de aanvaarding als ‘meester’ in het schildersgilde die meestal omstreeks de leeftijd van 25 jaar plaatsvond. Gossaerts aanvaarding als ‘meester’ staat opgetekend in de liggeren van het Antwerpse Sint-Lucasgilde in 1503.

Omtrent zijn opleiding en zijn vroegste werken is echter niets met zekerheid bekend. Op basis van bepaalde stilistische kenmerken in Gossaerts vroege werken hebben auteurs zoals Weisz (1912) en Winkler (1921) gesuggereerd dat Gossaert in Brugge in de omgeving van Gerard David een opleiding zou hebben genoten. Vandaag wordt echter aangenomen dat Gossaert in Antwerpen zijn opleiding ontving waaruit ook zijn aanvaarding als ‘meester’ in 1503 logisch volgt. Antwerpen was op dat moment de meest bloeiende handelsstad van Noord-Europa en de daar gevestigde schilders waren uit alle windstreken toegestroomd. De vermeende Brugse invloeden in het werk van Gossaert zijn zo ook makkelijk te verklaren. Na zijn aanvaarding als meester stichtte Gossaert in Antwerpen een atelier. In 1505 nam hij een zekere ‘Hennen Mertens’ als leerling aan. In 1507 werd ook een zekere ‘Machiel in’t Swaenken’ in zijn atelier opgenomen. Gossaert bleef zeker tot 1507 in Antwerpen werkzaam.

Geen enkel vandaag bekend werk kan met zekerheid in de periode 1503-1507 worden gesitueerd. Slechts twee gesigneerde pentekeningen worden doorgaans als werken uit deze periode beschouwd. Dit zijn het Mystieke huwelijk van Sint-Katharina (Statens Museum for Kunst, Kopenhagen) en het Visioen van Keizer Augustus (Berlijn, Kupferstichkabinett). Afhankelijk van de door verschillende auteurs voorgestelde datering van deze stilistisch duidelijk te onderscheiden werkjes wordt Gossaert ofwel gezien als een centrale figuur binnen het Antwerps manixc3xabrisme, ofwel als een late epigoon van deze stroming beschouwd. De kleine Triptiek met de H. Familie, Sint-Katharina en Sint-Barbara (Lissabon, Museu Nacional de Arte Antiga) wordt niet algemeen als een eigenhandig werk van Gossaert geaccepteerd. Het weerspiegelt echter wel de vroege stijl van Gossaert die aanleunt bij het Antwerps manixc3xabrisme en ook de invloed van Gerard David vertoont.

Verblijf in Italixc3xab
Na 1507 verdwijnt Gossaerts naam uit de Antwerpse archieven. Men neemt aan dat hij toen werd gexc3xabngageerd door Filips van Bourgondixc3xab om deel uit te maken van zijn gevolg tijdens zijn zending naar het hof van Paus Julius II in Rome. Filips ondernam deze diplomatiek missie in opdracht van de landvoogdes Margaretha van Oostenrijk. Gossaert vertrok met de Admiraal en zijn gevolg in Mechelen op 26 oktober 1508 en op 14 januari 1509 kwam men in Rome aan.

Uit het verslag van Geldenhauer uit 1529 is ook bekend dat Filips, die erg gexc3xafnteresseerd was in de overblijfselen uit de Klassieke Oudheid, Gossaert speciaal had aangezocht hem te vergezellen met het doel tekeningen te maken van de oudheden om als herinnering en documentatie terug mee naar huis te nemen. Gossaert maakte in Rome ongetwijfeld een groot aantal tekeningen naar de ontelbare antieke ruxc3xafnes en sculpturen die de stad rijk was. Vandaag zijn slechts vier overgebleven bladen bekend; een blad met de ruxc3xafne van het Colosseum (Berlijn, Kupferstichkabinett), een studie naar de zogenaamde Apollo Kitharoedos (Venetixc3xab, Accademia), een studie naar de zogenaamde Capitoleinse Hercules (Privxc3xa9collectie, Londen), en een blad met studies naar onder meer de beroemde Spinario of xe2x80x9cdorenuittrekkerxe2x80x9d (Leiden, Prentenkabinet).

Gossaert tekende deze klassieke modellen als een noordelijk kunstenaar die duidelijk niet vertrouwd was met het klassieke stijlidioom. De vormen zijn ietwat uitgelengd en de musculatuur van de figuren is zo gedetailleerd weergegeven dat het resultaat een heel ornamenteel karakter heeft dat het monumentale heroxc3xafsche karakter van de modellen niet optimaal tot zijn recht laat komen. Gossaerts interpretatie van het klassiek drapxc3xa9 is nog bexc3xafnvloed door de de vrij hoekige behandeling waarmee plooien en stoffen in de noordelijke traditie werden weergegeven. Alles wijst er dus op dat Gossaert vrij plotseling met het klassieke idioom werd geconfronteerd en niet echt de gelegenheid had de geest van deze modellen voldoende te assimileren. Nochtans zal de aanblik van de volplastische klassieke sculpturen op Gossaerts stijl een definitieve indru
k achterlaten die zich vooral manifesteert in de toegenomen volumewerking van zijn figuren.

Voor hij in Rome arriveerde is Gossaert tijdens zijn doorreis langs steden als Trente, Verona, Mantua en Florence ongetwijfeld in contact gekomen met de 15e en vroeg 16e-eeuwse Italiaanse schilderkunst die daar ten overvloede aanwezig was. In de Eeuwige Stad zelf waren op dat moment Michelangelo en Rafael aan het werk, de eerste aan het plafond van de Sixtijnse Kapel de laatste aan de befaamde xe2x80x9cStanzexe2x80x9d. Het is waarschijnlijk dat Gossaert als lid van het gevolg van een belangrijk gezant toegang heeft gehad tot deze plaatsen, of tenminste tekeningen en voorontwerpen heeft gezien van de werken die toen werden uitgevoerd. Het gezantschap keerde terug in juni 1509. Gossaert bleef echter nog wat langer in Rome, wat blijkt uit het feit dat hij er nog in juli van dat jaar actief was.

Middelburg, 1509-1517
Na zijn terugkeer uit Italixc3xab vestigde Gossaert zich vermoedelijk onmiddellijk in Zeeland. Eind 1509 werd een zekere xe2x80x98Janin de Waelexe2x80x99 geregistreerd als lid van de broederschap van Onze-Lieve-Vrouw in Middelburg. Deze xe2x80x9cJanxe2x80x9d van Waalse afkomst is vrijwel zeker dezelfde als Jan Gossaert. Het is echter niet zeker of hij daar zijn vaste verblijfplaats had aangezien hij een heel aantal opdrachten uit zeer verspreide streken ontving. Volgens de getuigenis van Gerard Geldenauer uit 1529 trad Gossaert pas eind 1515 in vast dienstverband bij Filips van Bourgondixc3xab. Dit wijst er vermoedelijk op dat Gossaert er als vrijmeester was gevestigd en dus van overal opdrachtgevers aantrok. De opdrachten die Gossaert kreeg waren dan ook meer van religieuze dan van seculiere aard. Samen met de meer traditionele smaak van zijn opdrachtgevers belette dit hem wellicht om de in Italixc3xab opgedane indrukken te verwerken in zijn werk. Classicerende composities werden buiten de omgeving van het hof door opdrachtgevers nog maar weinig gesmaakt in de Nederlanden. Hoewel Gossaert werd beperkt door het conventionele karakter van de onderwerpen die hij diende uit te beelden kenmerkt deze periode zich door verdere rijping en experiment.

Kasteel “Suytburg” en het klassieke naakt
Eind 1515 gaf admiraal Filips van Bourgondixc3xab-Blaton aan Jan Gossaert en Jacopo dexe2x80x99 Barbari de opdracht om zijn kasteel xe2x80x9cSuytburgxe2x80x9d (vandaag, West-Souburg op Walcheren) te decoreren. Het was de bedoeling van deze geleerde humanistische admiraal om van zijn residentie een centrum van Renaissancecultuur in het noorden te maken. Daar Filips onder andere de geschriften van Vitruvius goed moet hebben gekend is wel eens gesuggereerd dat hij ook een persoonlijke invloed had op het decoratieve en architecturale programma. Gossaerts bijdrage aan deze onderneming maakte van hem een waar renaissanceschilder.

De mythologische taferelen die zijn opdrachtgever wenste als decoratie van zijn kasteel gaven aan Gossaert de gelegenheid om te experimenteren met de uitbeelding van het klassieke naakt. Hierbij baseerde hij zich niet zozeer op de studies die hij in Rome had gemaakt, maar op de prenten van tijdgenoten zoals Albrecht Dxc3xbcrer en Marcantonio Raimondi. Deze laatste had naast enkele prenten naar klassieke sculpturen vooral gravures naar xe2x80x9cinventiesxe2x80x9d van Rafaxc3xabl op de markt gebracht. Gossaert baseerde zich ook op de kleinsculpturen van Conrat Meit, een kunstenaar van Duitse afkomst die aan het hof van Margaretha van Oostenrijk in Mechelen werkzaam was geweest maar die ook xe2x80x9cSuytburgxe2x80x9d had bezocht. Natuurlijk had ook zijn Italiaanse collega Jacopo de Barbari een belangrijke stem. Met name zijn theoriexc3xabn over de menselijke proporties hebben op Gossaert een duidelijke invloed uitgeoefend.

Het enige element dat van de decoratie van xe2x80x9cSuytburgxe2x80x9d bewaard is gebleven is het paneel met Neptunus en Amphitrite (Berlijn, Gemxc3xa4ldegalerie). Deze twee levensgrote klassieke naakten waren geheel nieuw voor de kunst van de Nederlanden. Toch hebben ze – wellicht doordat ze nooit voor een ruimer publiek zichtbaar zijn geweest xe2x80x93 nauwelijks directe navolging gehad. Opvallend is ook de volledig Latijnse handtekening die op humanistische wijze geheel in Romeinse kapitalen is gesteld: IOANNES+MALBODIVS+PINGEBAT+1516. Het werk draagt ook de naam en het devies van zijn opdrachtgever Filips van Bourgondixc3xab die duidelijk trots moet zijn geweest op dit manifest van de nieuwe stijl in het noorden.

Tijdens deze periode was het Gossaert klaarblijkelijk toegestaan ook andere opdrachten aan te nemen. Deze kwamen voornamelijk van de Habsburgse verwanten van Filips van Bourgondixc3xab, en van vertrouwelingen van het Habsburgse hof. Het zijn voornamelijk portretten of diptieken waarin een bidportret is verwerkt. Voor Keizer Karel V schilderde hij het portret van diens zuster Eleonora van Oostenrijk. Een absoluut meesterwerk van de portretschilderkunst is het portret van Jean Carondelet dat samen met een Madonna met kind een diptiek vormt (Parijs, Musxc3xa9e du Louvre). Het werkt wordt gekenmerkt door een zorgvuldig geobserveerde en zeer verfijnde weergave van de gelaatstrekken die eigen is aan de Nederlandse traditie. Door het schitterende modelxc3xa9 dat scherp afsteekt tegen de donkere achtergrond en door de schaduweffecten op het gezicht verkrijgt Gossaert een uitgesproken ruimtewerking die typisch is voor de renaissance en die in dit opzicht een grote vernieuwing betekent.

Utrecht, 1517-?
Toen zijn beschermheer in 1517 bisschop van Utrecht werd, volgde Gossaert hem naar diens residentie, het kasteel van Wijk bij Duurstede. Mogelijk was in deze periode Jan van Scorel korte tijd bij hem in de leer. In 1525 keerde Gossaert terug naar Middelburg, mogelijk om daar in dienst van Adolf van Bourgondixc3xab te treden. Ondertussen voerde hij ook opdrachten uit voor keizer Karel V, Margaretha van Oostenrijk en Christiaan II van Denemarken.



Zo valt er het volgende te lezen op de Wikipagina over Graaf Hendrik III:

Zo liet hij zich op ca. 33-jarige leeftijd als vliesridder afbeelden door Jan Gossaert. Ook bestelde hij bij Gossaert een Hercules en Deianeira. Een vergelijkbaar schilderij bevindt zich tegenwoordig in het Barber Institute of Fine Arts in Birmingham. Volgens Karel van Mander werkten Jan van Scorel en Bernard van Orley voor zijn residentie in Breda. Ook bezat hij werk van Lucas Cranach. Zo stuurde de keurvorst van Saksen hem een Lucretia van Cranach en vermeldt Antonio de Beatis in 1517 een Oordeel van Paris met de drie godinnen, dat een bekend onderwerp is in Cranachs oeuvre.






Dat de afgebeelde man een vliesridder is kun je opmaken uit dit detail van het schilderij. Duidelijk hangt het symbool van de Orde van het Gulden Vlies om zijn hals. Jan Gossart, Portrait of a man (detail).





Theebloem

Vanochtend, met buiten een heel klein beetje sneeuw,
smaakte de thee extra goed.
Vooral als je kunt kijken naar een prachtige theebloem.
Vandaag de bloem met de naam Godmother.
In het Nederlands is dat Peettante.





Godmother: groene thee met jasmijn en daglelie.






De bloem ontplooit zich.






Steeds meer.






Het werd weer een prachtig boeket bloemen.












Let op de luchtbellen.



































China reisverslag / travelogue 68

Een beetje een verloren foto.
Hij zit in mijn reeks van foto’s in China een beetje tussen
twee bestemmingen in.
Een beetje tussen Da Zheng Hall en Fenghuang Pavilion.
Twee hoogtepunten van het Shenyang Imperial Palace.
Maar hij mag niet ontbreken.
Kijk eens naar de prachtige kleur.
Ook de manier waarop de vaas gepresenteerd wordt.
Zo rustig.
Nu staan er Chinese karakters op en die kan ik niet lezen
dus misschien staat er wel een heel schreeuwerige reclame
voor een wasmiddel op maar ik vermoed dat niet.
Leuk is ook dat van alle karakters er twee een afwijkende kleur hebben.
Het karakter helemaal rechts en links.
Die zijn rood.





Gele vaas met Chinese karakters.





Sneeuw!?

Ik vind het opmerkelijk.
Zo vroeg in het jaar al.
Sneeuw.





En dat is dan het werkterrein van Sinterklaas. Kan dat wel met de arbo-wet?





Even zoeken op Google leert dat het helemaal niet bijzonder is.



Dit is een bericht van 2 december 2005 afkomstig van de web site van het KNMI.


Dit is een overzicht van alle jaren vanaf 2000 die ik geleend heb van de website van Frans Faase. Hij houdt een soort sneeuwdagboek bij. Wat blijk. Sneeuw in eind november is heel normaal. Sneeuw 1999 / 2000.


Sneeuw 2000 / 2001.


Sneeuw 2001 / 2002.


Sneeuw 2002 / 2003.


Sneeuw 2003 / 2004.


Sneeuw 2004 / 2005.


Sneeuw 2005 / 2006.


Sneeuw 2006 / 2007 en 2007 / 2008.


Sneeuw 2008 / 2009.


Sneeuw 2009 / 2010.

China reisverslag / travelogue 67

Verrast was ik door de volgende zaal.
Misschien had ik dit eerder in Beijing verwacht.
Maar in Shenyang was een deel van de tentoonstelling
gericht op hoe de typische Chinese gebouwen gebouwd werden.
Er waren een aantal hedendaagse reconstructies te zien
en in detail werd bijvoorbeeld uitgelegd hoe pilaren
geprepareerd en geverfd werden.
Helaas waren alle teksten in het Chinees.





Dit zijn keramische eindpunten van balken en figuren die op de uitstekende dakpannen werden geplaatst.






De dakversiering in detail. Dit zijn smalle dakpannen met versiering die op de ‘hoeknaden’ van het dak aangebracht werden.






Dit is een reconstructie van ‘houtvlechtwerk’ zoals dat bijvoorbeeld aan Da Zheng Hall te zien is.






Dit is waarschijnlijk een overzicht van de pigmenten die men gebruikte om de verf voor de paleizen te maken.






Dit zijn voorbeelden van schilderspatronen. Of die bij de originele bouw al werden gebruikt weet ik niet maar ik kan me goed voorstellen dat ze bij restauraties goed van pas komen.






Die is een opsomming van alle behandelingen die pilaren ondergingen.












Mijn gids was niet altijd even geboeid.






Altijd mooi! Leek wel een soort proeflokaal voor de restauraties maar misschien zit ik er wel helemaal naast














China reisverslag / travelogue 66

Mijn reis naar China is al meer dan een jaar geleden
en mijn reisverslag, fotoverslag is nog niet gereed.
Iedere keer wordt er weer een klein stukje aan toegevoegd.
Zo ook vandaag.
Eerlijk gezegd vond ik de foto wel mooi
of beter gezegd de afbeelding op een van de scherven keramiek.
Maar de betekenis was mij onduidelijk.
Waarschijnlijk ook toen ik in China was.
Mijn gids kon ik moeilijk alles laten vertalen.
De foto zat ook op een beetje vreemde plaats in de serie foto’s.
Ik weet zeker dat de foto is gemaakt in het Shenyang Imperial Palace.
Maar er zat geen bordje bij met Engelse tekst.


Dit zijn de scherven. Zo te zien niet eens van 1 voorwerp. Waarschijnlijk van een paar voorwerpen gemaakt van hetzelfde materiaal in dezelfde periode.


En dit is de mysterieuze afbeelding die mijn aandacht trok. Toen in China en nu in Nederland. Wat is dit?


(Een deel van) het antwoord staat op dit kaartje.

Mijn collega heeft het voor me vertaald:
De Chinese tekens en de Engelse tekst zijn van mijn collega.
Het Nederlands is van mij.

China (porcelain) pieces unearthed from Hetuala ruine.

Porceleinen scherven opgegraven bij een Hetuala ruine.

Hetuala is a Manchurian ancient city
and it means a hillock with flat top in Manchurian language.

Hetuala is een oude ‘Chinese’ stad uit de tijd van de Mantsjoes
en de naam betekent een heuveltje met een afgeplatte top.

Wikipedia

De Mantsjoes zijn een Toengoezisch volk die haar oorsprong had in Noordoost-Azie, in een gebied dat bekend is geworden als Mantsjoerije. De voorouders van hen stichtte de Jin-dynastie (1115-1234). Tijdens de verovering door de Mantsjoes in de 17e eeuw, veroverden zij China dat toen onder het bestuur stond van de Ming-dynastie en stichtten daar het Qing-rijk, dat China bestuurde tot 1912, toen de Chinese Revolutie hen van de troon stootte. Vanaf de Qing-dynastie begon de sinificatie. Ze begonnen met het veranderen van hun achternamen in een Chinese achternaam, een fenomeen dat na de val van de Qing nog versnelde. Tegenwoordig zijn ze de op twee na grootste Chinese minderheid. De Mantsjoes wonen vooral in de Chinese provincie Liaoning.