Acryl

Vandaag de volgende stappen aan mijn werkje.
Net als bij miniaturen begint het met het goud.
Ik ga op de plaats van het goud eerst rode acrylverf aanbrengen.
Daarna volgt het goud. Geen goudverf maar bladgoud.
Om dat nog mooier van kleur te laten zijn
zal ik de ondergrond eerst rood verven.
Tegelijkertijd wil ik de haarspeld van de engel verven.
Dat geeft me een mooi aanknopingspunt als ik straks
met de haarpartijen aan de slag ga.
De speld verf ik met Humbrol, kleur Antiek Brons.
Past wel bij het onderwerp lijkt me.





De bedoeling is om de relevante delen van de tekening op het doek over te brengen. Ik doe dat met Rode Bolus. Een rode grondsoort die als pigment wordt gebruikt om bijvoorbeeld tempera te maken.






Omdat ik bij het overbrengen van de tekening dadelijk wat moet duwen vul ik het doekje even op met een boek. Dan druk ik straks niet te hard op het doek.






Ik neem de nimbus (de gouden krans rond het hoofd) en de haarspeld over op de achterkant van de tekening zodat ik weet waar ik de rode bolus moet inwrijven.






Ik strooi wat rode bolus op het papier en wrijf met een vinger die delen van de achterkant van de tekening in die ik dadelijk nodig heb om de tekening over te brengen.






Door met een potlood over de lijnen van de tekening te gaan ontstaan er op het schilderij dunne rode lijnen.






Goed de Humbrol schudden en de speld aanbrengen.






Vervolgens met acrylverf de nimbus opgevuld. Later ga ik op de rode verf de lijm aanbrengen en druk ik het bladgoud op het schilderij. Maar nu moet het eerst maar eens drogen.




Advertenties

Erwtensoep

Het is er weer tijd voor: erwtensoep!
Bijna november, het weer is druilerig, niets zo lekker dan,
als erwtensoep gemaakt door mijn moeder.





De herfst kleurt de bomen in prachtige kleuren. Het weer is druilerig. Zie je de reiger op jacht?.






Hier staat de reiger.






De soep in het groene bakje.












Mooi stevig.






Een feest!





De bijbel van Anjou – Napels


De Bijbel van Anjou, ook wel Bible Angevine genoemd, werd rond 1340 gemaakt aan het hof van Robert van Napels (1277-1343), beter bekend als Robert I van Anjou.
Betrokkenen:
Kopiist:
Iannutius de Matrice
Miniaturist:
Christophorus Orimina.
Opdrachtgever:
Robert I van Anjou, koning van Napels
Eerste eigenaars:
Joanna I en haar verloofde Andreas van Hongarije.
Vervolgens eigendom van:
Kanselier Nicolaus de Alifio (tot 1345).
In 1402 wordt het beschreven in de inventaris
van Jean duc de Berry.
Het is rond 1509 in bezit van de bisschop van Arras,
Nicolaus de Ruistre.
In de inleiding op de Leuvense vulgaatbijbel uit 1547
wordt er naar verwezen en in de Notationes in Sacra Biblia
van Franciscus Lucas van Brugge ook (1580).
Tussen 1808 en 1821 behoort het handschrift tot de collectie
van het Grootseminarie van Mechelen.
Sinds 1970 is het in depot gegeven aan de bibliotheek
van de Faculteit Godgeleerdheid van de K.U.Leuven.

Viool spelende engel in de marge van een blad, 6R.


Er werd vijf jaar aan de Bijbel gewerkt.
De kopiist werkte helemaal alleen – wat in die tijd uitzonderlijk was.
Orimina was meer een industrieel die een groot atelier
met assistenten had.
Die miniaturisten hebben zich met de bijbel duidelijk helemaal laten gaan.
Elke pagina heeft een grote initiaal waarvan de tekening rechtstreeks
in verband stond met de bijbeltekst.
Maar de randversieringen rond de tekst
mochten de miniaturisten vrij invullen.
En dat deden ze.
Hieronder een aantal afbeeldingen die het bijbelboek Genesis
illustreren en wel het verhaal van het Paradijs en de verboden vrucht.

Let wel, de volgende 5 afbeeldingen (samen met nog een zesde)
vormen in het boek 1 letter!


God schept de maan en de sterren, 6R.


God creeert Eva uit de rib van Adam, 6R.


De verboden vrucht in het paradijs, 6R.


Adam en Eva worden verbannen uit het paradijs, 6R.


Adam en Eva moeten zwoegen voor hun bestaan, 6R.


Wil je van thuis uit de bijbel bekijken?
Dat kan.
Volg onderstaande link en geniet van de afbeeldingen
waar je pagina voor pagina op kunt inzoemen.
De Bijbel van Anjou

Een zonnebloem die als een monnik in de wind vooroverbuigt

In het voorwoord van het boek ‘Denken over kunst’
(A. A. Van den Braembussche) wordt mijn aandacht getrokken
naar het zinsdeel dat de titel is van dit logje:
‘een zonnebloem die als een monnik in de wind vooroverbuigt’.



De schrijver geeft in de eerste regels van het voorwoord aan
dat mensen heel gemakkelijk en snel een esthetisch oordeel vellen
over heel gewone dingen.
In de tekst noemt hij: ‘een stoel, een theeservies,een zonsondergang en
een zonnebloem die als een monnik in de wind vooroverbuigt’.
Aanleiding om met deze tekst eens op zoek te gaan op het internet.
Ik stuitte op een aantal heel uiteenlopende teksten
en die laat ik in een korte serie op mijn weblog passeren.



Een van de teksten die ik vind is een gedicht van Federico Garcia Lorca.
Deze Spaanse dichter schreef het volgende gedicht over zijn geboortestreek:

Federico Garcia Lorca (5 juni 1898 – 19 augustus 1936)
SINT MICHIEL (Granada)
Voor Diego Buigas de Dalmau

Men ziet vanaf de balustrades
in de bergen, bergen, bergen,
muilezels en muilezelschaduwen
beladen met zonnebloemen.

Hun ogen in de schaduwplekken
worden dof van mateloze nacht.
In de krommingen van de wind
ritselt de brakke dageraad.

Een hemel van witte muilezels
sluit zijn kwikzilveren ogen
en geeft aan de kalme schemering
een finale van harten.
En het water wordt koud
opdat niemand het beroert.
Wild en open naakt water
in de bergen, bergen, bergen.

In de nis van zijn toren
toont Sint Michiel met kanten
getooid zijn mooie dijen
tussen lantarens geprangd.
De in het middaggebaar
getemde Aartsengel
veinst een zoete woede
van veren en nachtegalen.
Sint Michiel zingt in de ruiten;
Efebe van drieduizend nachten
geurend naar eau de cologne
staat hij ver van de bloemen.
De zee danst aan het strand,
een gedicht van balkons.
De oevers van de maan
verliezen biezen, krijgen stemmen.
Er komen volksmeiden
die zonnebloempitten eten,
hun konten groot en occult
als planeten van koper.
Er komen hoge heren te paard
en dames met triestig uiterlijk,
hun huid is donker van heimwee
naar een gisteren van nachtegalen.
En de bisschop van Manila
saffraanblind en arm,
leest de mis voor twee rijen,
voor vrouwen en voor mannen.

Sint Michiel houdt zich rustig
in de nis van zijn toren,
zijn rokken overladen
met spiegeltjes en sierraden.
Sint Michiel, koning van de glazen bollen
en van de oneven getallen,
in de Berberpracht
van kreten en uitkijktorens.



InfoNu.nl

Federico Garcxc3xada Lorca,
de dichter die verdween in de oorlog

De Spaanse dichter Federico Garcia Lorca (1898-1936) werd aan het begin van de Spaanse burgeroorlog gefusilleerd door de Nationalen, tegenstanders van de Spaanse republiek. Daarmee kwam vroegtijdig een einde aan het leven van een van de grootste dichters, die Spanje ooit gekend heeft. Pas in 1975, na de dood van Franco, werd zijn persoon en zijn poezie weer in ere hersteld.

Federico Garcixada Lorca was zoon van een boer en een onderwijzeres. Hij groeide op in Fuente Vaqueros, een dorp in de provincie Granada (Andalucia). Het was zijn moeder, die al jong belangstelling wekte in de volksverhalen en -liedjes, die later in zijn gedichten zouden terugkomen.

Voorkeur voor de literatuur

De Spaanse dichter Federico Garcia Lorca (1898-1936) werd aan het begin van de Spaanse burgeroorlog gefusilleerd door de Nationalen, tegenstanders van de Spaanse republiek. Daarmee kwam vroegtijdig een einde aan het leven van een van de grootste dichters, die Spanje ooit gekend heeft. Pas in 1975, na de dood van Franco, werd zijn persoon en zijn poezie weer in ere hersteld.

Madrid

In 1919 verhuisde Lorca naar de Spaanse hoofdstad, waar hij in contact kwam met kunstenaars als Luis Bunuel (1900-1983), Salvador Dali (1904-1989) en Manuel de Falla (1876-1946). Hij werd daardoor geinspireerd om ook een stap te zetten in de beeldende kunsten. In 1927 werd het resultaat geexposeerd in Barcelona. In dat jaar deed Lorca ook een tweede poging in het theater met Mariana Pineda. Salvador Dalixad maakte de decors voor de premiere. De recensies waren nu lovend en ook het publiek kon het waarderen.

Generacion del 27

Lorca had in Madrid ook de dichters Rafael Alberti (1902-1999), Damaso Alonso (1898-1990) en Pedro Salinas (1891-1951) kennen. Daarmee wisselde hij inspiratie uit. In 1927 kwam ook de zg. Generacion del 27 (Generatie van ’27) van de grond, een zeer ruim opgezette groep van met elkaar bevriende kunstenaars, die dan ook alle kunsten behelsde, maar vooral bekend is geworden vanwege het gehalte van zijn dichters: Rafael Alberti, latere nobelprijswinnaar Vicente Aleixandre (1898-1984), Damaso Alonso, Jorge Guillen (1893-1984)… Het zwaartepunt lag in Madrid, maar er waren ook enkele oplevingen in andere Spaanse steden, als Sevilla, Malaga en Barcelona.

Het werk van Lorca

In het werk van Federico Garcia Lorca is zijn Andalusische afkomst steeds weer terug te zien. De volksverhalen en muziek uit die streek en ook de zigeunercultuur, die vooral in het zuiden van Spanje erg dominant was, is voor hem aldoor een bron van inspiratie geweest. Zijn poezie is dan ook een afspiegeling van die oude tradities, die in een moderne jas zijn gestoken, gebruik makend van de nieuwe stijlen van de periode, waarin hij leefde. Ook de poezie van de zg. Generacion del 98, ook wel de Edad de Plata (Zilveren tijd) genoemd, was daarin een wegbereider. Daarmee was Lorca opgegroeid.

‘Romancero gitano’

Het beroemste werk van Garcixada Lorca is Romancero gitano (1928). Het werd geschreven rond het thema van de ‘gitanos’, zoals de Spaanse zigeuners genoemd worden, en schept een mythisch beeld van het Andalucia van die periode. Tevens betreurt de tekst dat een oude cultuur als die van de zigeuners steeds meer opgenomen wordt door de sociale burgerlijkheid. De invloed van de componist Manuel de Falla, die zelf in zijn composities teruggreep naar typisch Spaanse elementen in de muziek, speelt er een belangrijke rol in. Deze bundel kent nog altijd een grote internationale weerklank.

De vriendschap met Salvador Dalixad

De surrealistische schilder Salvador Dali zou een van de beste vrienden van Lorca worden. Lorca schreef voor hem Oda a Salvador Dalixad en werd verliefd op hem. Dalixad, waarvan zijn geaardheid in die tijd niet duidelijk was, is nooit op zijn avances in gegaan. In 1929, nadat Dali met Bunuel de film Un chien andalou had gemaakt, brak Lorca met hem, omdat hij de film beschouwde als een aanval op zijn persoon.

New York en de Tweede Republiek

In 1929 reisde Lorca naar New York, dat een grote indruk op hem maakte. Naar aanleiding daarvan schreef hij dan ook zijn Poeta en Nueva York (Dichter in New York). Na New York kwam Lorca in 1930 nog in La Havana (Cuba). Toen hij vervolgens thuiskwam zou de Spaanse republiek een feit zijn en werd Lorca door het Ministerie van Cultuur benoemd tot directeur van het staatstheater La barraca. Daar kreeg hij alle kans om zijn visie op het theater verder te ontwikkelen. In die periode schreef hij ook o.a. zijn bekende toneelstuk x91Bodas de sangresx92 (Bloedbruiloften).

De Spaanse burgeroorlog

De nieuwe republiek had veel Spanjaarden hoop gegeven op een rechtvaardigere toekomst. En Lorca was een van de velen, die het nu in woord en daad opnam voor de sociaal zwakke klassen in Spanje. Maar het land was verdeeld; nog altijd waren er conservatieve elementen, die wachtten op een kans om alles terug te draaien en wraak te nemen op degenen, die binnen de republiek hun kop uitstaken. Zulke mensen was het ook een doorn in het oog dat iemand als Lorca te koop kon lopen met zijn homosexualiteit. Vanwege zijn openbare functie liep de dichter eigenlijk dubbel gevaar. Maar zelf voelde Lorca dat niet zo. Hij zag zichzelf als een representant van alle Spanjaarden, niemand uitgezonderd. Hij had niet alleen vrienden onder degenen, die de republiek steunden, maar was ook bevriend met iemand als Primo de Rivera, de oprichter en leider van de Spaanse Falange, die tijdens de burgeroorlog Franco zou steunen. Toen dus de Spaanse burgeroorlog uitbrak genoot Lorca rustig in zijn eigen Granada van een welverdiende vakantie. Op 16 augustus 1936 werd hij daar opgepakt door de Nationalisten. Drie dagen later zou hij tussen Viznar en Alfacar, vlakbij Granada, gefusilleerd worden. Alle bewijsmateriaal werd vernietigd, maar naar het schijnt heeft dat de gouverneur van Granada, Valdes Guzman, daar de opdracht toe heeft gegeven. Pas in 2009 werd het massagraf, waarin hij begraven moet liggen, geopend.

Epiloog

In 1975, na de dood van Franco, werd de persoon van Lorca in ere hersteld. Nu wordt hij beschouwd als een van de belangrijkste dichters van de 20ste eeuw, zowel in Spanje als internationaal. Ook in Nederland is veel van zijn werk vertaald.Lorcaxb4s geboortehuis in Fuente Vaqueros is heden ten dage een museum. Daar kan veel over zijn werk en leven terug gevonden worden. Op de plaats waar hij werd geexecuteerd ligt nu een park, Parque Garcia Lorca, met een monument, die de grote dichter herdenkt.



 

Theebloem

Okay, het is een beetje voorspelbaar.
Maar vanochtend ben ik het weekend begonnen met een theebloem
uit mijn nieuwste serie theebloemen.
Was de eerste serie een set met dezelfde theebloemen.
Deze serie is steeds anders.
Vandaag staat op het menu: Tasty Treasure.
Oftewel de ‘Smakelijke Schat’.





Een groene thee met Jasmijnbloemen, Daglelie en Chrysant uit Fujian, China.






De bloemen ontluiken.






Zie hoe de zuurstofbelletjes ontsnappen.






Langzaam ‘groeit’ de theebloem.






De hoogte in.






Er ontvouwt zich een heus boeket.






Het boeket is gereed voor consumptie.